0-5 KMNoord-BrabantStadswandelingWandelspecials Nederland

Wandelen door vestingstad Heusden met Luis Henrique Freitas Padua

Door 30 december 2019 januari 6th, 2020 One Comment
KIJK ROND IN

HEUSDEN

Een vesting, Heusden en steegjes

IK WANDEL DOOR DE VESTING VAN HEUSDEN MET LUIS HENRIQUE FREITAS PADUA. HIJ WOONT SINDS EEN AANTAL JAREN IN DEZE VESTINGSTAD DIE NA GROOTSCHALIGE RESTAURATIES TOCH EEN BEETJE EEN DOOD PLAATSJE IS GEWORDEN. HET WORDT BEZOCHT DOOR TOERISTEN MAAR NA EEN BLOEIPERIODE NA DE RESTAURATIES LIJKT HET EEN BEETJE UITGESTORVEN. LUIS PROBEERT MIJ TE OVERTUIGEN VAN DE SCHOONHEID VAN HEUSDEN EN LAAT MIJ ZIJN MOOISTE PLEKJES ZIEN.

Luis komt uit Brazilië maar woont al 25 jaar in Nederland. De in Franca geboren Braziliaan ging studeren in Cambridge in Engeland, leerde een Nederlandse student uit Tilburg kennen, ging uiteindelijk in Tilburg wonen en werken bij de Wereldomroep in Hilversum. Hij woont nu 12 jaar in Heusden en wil er nooit meer weg. Ik ontmoet hem in zijn Heusden en hij leidt mij rond op de plekjes die Luis mooi vindt, met zijn eigen verhaal op plekjes en door steegjes waar je normaal gesproken als toerist niet komt.

Heusden

Heusden is een gerestaureerde vestingstad in de Nederlandse gemeente Heusden (provincie Noord-Brabant), gelegen aan de Bergsche Maas. Zij telt ongeveer 1500 inwoners (2007). In 1968 is begonnen met het in oude stijl restaureren van de vestingstad Heusden. Dit grootscheepse restauratieproject liep veertig jaar. Heusden is de hoofdstad van het Land van Heusden. Dichtstbijzijnde steden zijn Waalwijk ten zuidwesten van Heusden en ‘s-Hertogenbosch in het oosten.

De naam ‘Heusden’ betekent mogelijk’ huis in de duinen’ en heeft vermoedelijk betrekking op een kasteel dat de (toenmalige) Maas beheerste en dat op een rivierduin gelegen was.

Vestingwerken

In 1581 begon men, in opdracht van Willem van Oranje, met de modernisering van de vestingwerken van Heusden onder leiding van Jacob Kemp. Ook vestingbouwer Adriaen Anthonisz speelde hierin een rol. De haven en het kasteel kwamen daarmee binnen de omwalling te liggen. De vesting werd volgens het Oud Nederlands vestingstelsel aangelegd. Tussen 1613 en 1620 vonden verdere verbeteringen plaats. Ook de Wiel, een plas ontstaan in 1679, kwam nu binnen de omwalling te liggen. Aldus werd de reputatie van onneembare vesting hooggehouden. Heusden speelde tijdens de Tachtigjarige Oorlog een belangrijke rol als bruggenhoofd voor de Staatsen. Van 1700 – 1730 werd de vesting aangepast aan het Nieuw Nederlands Vestingstelsel, waarbij de hoornwerken werden geslecht.

Toen het Koninkrijk der Nederlanden werd gesticht had de vesting, die deel uitmaakte van de Zuider Waterlinie, geen functie meer. In 1821 verloor het stadje zijn vestingstatus en in 1879 ook zijn garnizoen. De verdedigingswerken werden verwaarloosd en menigmaal stond slechting ervan ter discussie. Dit gebeurde echter niet, waarop men geleidelijk de monumentale waarde ervan in zag. Uiteindelijk besloot men tot restauratie over te gaan.

Geruime tijd bestond onduidelijkheid naar welke tijdsperiode de vestingwerken gerestaureerd moesten worden. Men besloot uiteindelijk dat de restauratie moest plaatsvinden zoals de vestingwerken erbij lagen volgens de kaart van Joan Blaeu uit 1646, overeenkomstig het ontwerp van Jacob Kemp, inclusief de soms onhandige indelingen. Heusden heeft – na de restauratie van 1978 – negen bastions, zes ravelijnen, een beschermend eilandje en een natte gracht. Op enkele bastions staan standerdmolens en torens. In 1980 won Heusden de Urbes Nostrae-prijs voor zijn vestingsrestauratie, de hoogste Europese prijs op het gebied van restauratie.

Protestanten en katholieken

De naam van het grootste kerkgebouw in de vesting Heusden werd vanaf 1 juni dit jaar ingekort tot Catharijnekerk. Het is de derde naamsverandering van dit godshuis dat na een stadsbrand in 1572 werd herbouwd. In oktober 2018 werd de rooms-katholieke St. Catharinakerk aan het Burchtplein verkocht aan een projectontwikkelaar die er een appartementencomplex in gaat maken. De noodzaak om onderscheid te maken tussen de katholieke en protestantse kerk met vrijwel dezelfde naam is hiermee vervallen.

Dit is echter eeuwen anders geweest in Heusden. Hoewel het in katholiek Brabant ligt, was maar 60% katholiek terwijl dat in het overig gedeelte van Brabant op 88% lag. ‘In deze kerk is iedereen welkom’, zegt Luis. En hij kan het met zijn joodse afkomst weten. Heusden verandert ook en terwijl we door het verborgen steegje achter de kerk lopen, begroet hij de lokale bevolking. Hier, wat verder weg van het drukkere en meer toeristische haventje met de kenmerkende standerdmolens aan de Maas, zegt Luis een Heusdenaar te zijn geworden. Hij kent iedereen en iedereen begroet hem en uit niets blijkt dat Heusden een gesloten en beschermd stadje is.

Steegjes in Heusden

De gemiddelde veelal toeristische bezoeker van Heusden loopt langs het haventje, de kruidenier, een lokaal winkeltje, de molens en over de vestingwal. Maar wel maar een kort stukje want als je heel de vesting met ravelijnen wil bewandelen, ben je al snel meer dan een uur bezig. En dat is niet wat de bussen met Belgen, Japanners en Russen willen. Een korte stop en in zo weinig mogelijke tijd zoveel mogelijk van het stadje opslurpen. Maar wil je het echte Heusden zien, dan moet je door de kruip-door-sluip-door steegjes wandelen. Het zijn korte, smalle paadjes die straten of achtertuinen verbinden. Kronkelend met gebogen ornamenten boven het pad, maar overal intiem en verrassend. Je waant je in de Middeleeuwen, in de verte de stadspoorten en de kerken, daarachter de Maas. Hier komt geen toerist, hier ontmoet je de lokale bevolking.

Luis laat me even het Gouverneurshuis zien waar zijn vriend voorzitter is en waar met met de eindejaarsopruiming bezig is. Het Gouverneurshuis in Heusden is in 1592 gebouwd voor de gouverneur van het garnizoen die destijds volgens de geschiedenis van Heusden hier legerde. Hier, achter de Grote of Catharijnekerk, woonden ook later altijd voorname Heusdenaren. Bij het huis hoort een ommuurde tuin met fruitbomen, rozenperken en bankjes. In 1985 kwam het museum op deze locatie. Het museumcomplex bestaat uit een hoofdhuis en bijgebouwen, waaronder een wijnschuur en een bedeelhuisje. Midden 19e eeuw kregen de minst bedeelden hier brood en andere giften.

Luis laat mij het beeld in de tuin zien met de tekst van Rutger Kopland:

niet de tijd gaat voorbij, maar jij, en ik

De tuin is een prachtige plek om even te vertoeven ver weg van alle drukte. Met uitzicht op de vestingwal kun je even wegzinken in de tijd, naar de tijden van 1592 dat hier nog een pastorie was of naar 1639 toen de woning eigendom werd van de gouverneur.

Zomaar een bankje

Luis leidt me verder rond in de vestingstad Heusden waarbij de toppers niet vergeten worden. Zoals de standerdmolens, de Visbank, de Waterpoort, de Catherijnekerk en de vestingwallen. Maar een bankje trekt onze aandacht, een bankje zoals ik dat nog nooit gezien heb. Het is een ongebruikelijk bankje wat is geplaatst voor een oude monumentale woning vlakbij de oude haven. Het is gemaakt voor de kinderen van de eigenares. Hij vertelt het alsof hij een van hen is, een van de Heusdenaren. ‘Ik ben een Heusdenaar geworden’, zegt de van oorsprong Braziliaan.

Na de wandeling word ik door Luis uitgenodigd om bij hem koffie te drinken met sinaasappeltaart volgens het recept van zijn moeder. De wandeling met Luis laat zien dat Heusden meer is dan het gebruikelijke recept die de toerist krijgt voorgeschoteld in de vestingstad. Je moet wel even van het gebruikelijke rondje afwijken. Dan krijg je de echte vestingstad van de Heusdenaren te zien, de Heusdenaren waarvan Luis de Braziliaan een van is geworden.

Eén reactie

  • Jos schreef:

    Wel jammer dat je het uitgestorven vindt. Met 300-400 duizend toeristen per jaar zijn we levendiger dan menig ander stadje en blijft het goed leefbaar.
    Als inwoners genieten we van alle seizoenen. Van de rust en de drukte en zijn we graag gastheer voor mensen die dit mooie stadje komen bezoeken

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: