Onderduikersroute – Someren – Langs het Frank Doucette-monument

Galerij

KIJK ROND BIJ

HET FRANK DOUCETTE-MONUMENT

Het monument van Frank Doucette, de Stabrechtse Heide en onderduikerskamp Dennenlust

DE WANDELROUTE LOOPT LANGS HET FRANK DOUCETTE-MONUMENT EN DOOR HET MOOIE BUITENGEBIED VAN LIEROP RICHTING VOORMALIG ONDERDUIKERSKAMP DENNENLUST NABIJ HET GEHUCHT MOORSEL.

De wandeling gaat vanaf het Brabantse dorp Lierop met de machtige kerk naar de flanken van de Stabrechtse Heide. Eerst via het buurtschap Moorsel en door dichte bossen loop je naar de plek waar in de 2e W.O. onderduikers vluchtten voor het werk wat ze in Duitsland moesten gaan doen. In de verte de Stabrechtse Heide en op de terugweg glooiende akkers rond het dorp. Indrukwekkend hoe het onderduikerskamp is gelegen en denkend aan de ontberingen die ze moeten hebben geleden ver van de bewoonde wereld.

Frank Doucette

Frank Doucette werd geboren op 12 februari 1922 te Belmont Mass.U.S.A. In 1942 werd hij ingedeeld bij de luchtmacht en al gauw ingezet in de strijd in Europa. Op dinsdag 19 september 1944 sneuvelde sergeantvlieger Frank Doucette in de staatsbossen in Lierop. Hij vond de dood niet bij een actie van de luchtmacht, maar bij een geheel persoon-lijke, vrijwillige inzet voor zijn Nederlandse vrienden. In 1944 is hij met zijn brandende bommenwerper neergestort bij Nuenen. Twee bemanningsleden, Frank Doucette en E. Bradshaw, overleefden deze crash en werden ondergebracht in het onderduikers-kamp in Lierop. Hier verbleef Frank zes weken. Omdat de optrekkende Engelse legers de Duitsers steeds verder terug-drongen hadden de onderduikers uit het kamp opdracht gekregen om de terug-trekkende Duitsers extra moeilijkheden te bezorgen. Ze hadden daarom een post ingenomen langs de weg Mierlo-Lierop.

Ook Frank Doucette hielp mee, want hij was de enige die een machinegeweer kon bedienen. Toen het bericht kwam dat de Duitsers in aantocht waren, werd het geweer in stelling gebracht. Vermoedelijk heeft hij bij het inbrengen van de patroonband een geklik veroorzaakt, waardoor de Duitsers gewaarschuwd werden. Zij openden het vuur en Frank werd dodelijk getroffen. Zijn lichaam werd naar het klooster in Lierop vervoerd en door enkele zusters afgelegd, in een inderhaast gemaakte kist gelegd en ’s nachts in alle stilte op het kerkhof in Lierop begraven. In maart 1946 is zijn stoffelijk overschot overgebracht naar het oorlogskerkhof in Margraten, vanwaar het later weer is overgebracht naar zijn geboorteplaats Belmont in de U.S.A.

Onderduikerskamp Dennenlust

Tijdens de Tweede Wereldoorlog in 1944 verschuilden zich tientallen onderduikers diep in de bossen bij Lierop, in een goed verborgen kamp, voor de Duitse bezetter. De initiatiefnemers hiervoor waren Koos Stolk uit Den Haag en Wim Gephard uit Gouda. Beiden hadden destijds veel  bewondering voor het verzetswerk en dat bracht hen ertoe ook in het verzet te gaan. Ze gingen naar Noord Brabant om daar op het platteland een locatie te zoeken voor jonge mannen die wilden ontkomen aan ‘Arbeitseinsatz’ in Duitsland. Ze kwamen via Asten terecht bij boswachter Bussers “Den Bus” in Lierop. De plaatselijke jachtopziener wist een ideale plek in de staatsbossen waar, verscholen tussen dichte dennenbegroeiing en nabij een vennetje, het kamp ingericht werd.

Vanuit het nabijgelegen gehucht Moorsel ging de familie Berkers een sleutelrol spelen in de verzorging van de kampbewoners. De eerste groep onderduikers bouwde het kamp zelf met palen en stro. Het werd deels in de grond gegraven en goed gecamoufleerd. Ongeveer dertig mannen, veelal uit het westen van het land, vonden er tot de bevrijding in september 1944 verblijf in wat ze “Kamp Dennenlust” doopten. Ook neergeschoten geallieerde piloten kregen er  tijdelijk onderdak. Alle kampbewoners werden aangeduid met een nummer. Gephard en Stolk waren de nummers 1 en 2. Zij bleven veelal buiten het kamp, om nieuwe onderduikers te begeleiden en de contacten met de buitenwereld te onderhouden.

Gehucht Moorsel

Het gehucht ligt in het bos- en heidegebied in Lierop wat, net als diverse andere bosgebieden, op de Strabrechtse heide aansluit. Aan de rand van dit bosgebied ligt het middeleeuwse gehucht Moorsel; een driehoekig plein met oude boerderijen die thans meestal een recreatieve bestemming hebben. Het gehucht ligt aan het begin van een beekdal. Dit dal werd met een van oorsprong middeleeuwse wal beschermd tegen dichtwaaien door stuifzand.

Stabrechte Heide

De Stabrechtse Heide lijkt een onmetelijke vlakte van alleen struik- en dopheide te zien, maar niets is minder waar. Rond de vennen, het Beuven is het grootste ven van Nederland, groeien bijzondere planten als waterlepeltje en vleesetende zonnedauw. Je kunt rondstruinen over de immense vlakte vlakbij Eindhoven.  Het in de gemeente Someren gelegen deel oostelijke van de heide heet van oudsher Lieropsche Heide. De vergrassing van de heide wordt tegengegaan door beweiding door een schaapskudde van de stichting het Kempens heideschaap, door maaien en door plaggen. De heide wordt richting Lierop omgeven door bossen.

Map loading, please wait ...

Geef een reactie