Skip to main content
search
BlogNoord-BrabantTrage tochtenWandelen rond Uden

Trage Tocht Heeswijk – Een tijdreis langs Aa en kasteel Heeswijk

By 25 april 2026mei 16th, 2026No Comments

Trage Tocht Heeswijk – Een tijdreis langs Aa en kasteel Heeswijk 

Wandelen over de Trage Tocht Heeswijk is een reis door de tijd. Al wandelend rond Heeswijk, het riviertje de Aa en kasteel Heeswijk kun je de geschiedenis van dit gebied herbeleven. Zo werd over de eens kronkelende Aa turf vanuit de Peel naar Den Bosch vervoerd. Rijke Hollanders die zichzelf Heren van Heeswijk en Dinther noemden, maakten van kasteel Heeswijk een luxe buitenhuis en de Franse Zonnekoning Lodewijk XIV maakte had er zijn hoofdkwartier. En op een doorwaadbare plaats in de Aa werd een hoeve gebouwd, later kasteel Seldensate, een buitenverblijf voor rijke bewoners van de stad Den Bosch die de stank van de stad in de zomermaanden ontvluchtten.

(Overzichtskaart Trage Tocht Heeswijk)

Noord-Brabant in de 17e eeuw
In de 17e eeuw was Noord-Brabant een oorlogsgebied. Nadat
kasteel Heeswijk in 1629 werd bezet door de prinsen van Oranje om Den Bosch te veroveren, kwam het kasteel in handen van rijke Hollanders. Zij noemen zichzelf Heren van Heeswijk en Dinther en maken een luxe buitenhuis van het kasteel. In 1672 maakt de Franse Zonnekoning Lodewijk XIV er zijn hoofdkwartier van om heel Nederland ten val te brengen. Begin 1800 bevindt Nederland zich in een roerige periode. Nederland wordt officieel ingelijfd bij het Franse Keizerrijk van Napoleon en wordt een Franse provincie. Ons land lijdt onder het Franse regime, de oorlogen en handelsblokkades. Vele Hollanders leven in pure armoede door de hoge belastingen die de Fransen ons opleggen. Na een nederlaag van Napoleon tegen de Pruisen trekken de Franse troepen zich terug uit Holland. Uiteindelijk wordt Prins Willem teruggehaald uit Engeland en Nederland en België worden samengevoegd tot het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, onder leiding van koning Willem I.

(Kaart Topotijdreis 1800 en 1900)

Kilometer 0-3 – Van de kerk van Heeswijk naar Natuurpoort Kasteel Heeswijk
De wandeling start bij de kerk van Heeswijk.
 De naam gaat terug op het Oudhoogduitse ‘haisj, dat kreupelhout betekent. En in combinatie met ‘wijk’, dat samenhangt met het Latijnse ‘vicus‘ dat buurtschap of dorp betekent, kom je op een buurtschap in het dal van het riviertje de Aa. De gouverneur van Noord-Brabant en latere eigenaar van kasteel Heeswijk 
Baron van den Bogaerde van Terbrugge bevorderde rond 1830 de aanleg van de straatweg van Rosmalen naar Veghel via Heeswijk(-Dinther). Deze eerste provinciale weg heet hier dan ook nog steeds Gouverneursweg en langs deze weg ontwikkelde Heeswijk zich, mede door de aanleg van een stoomtramlijn naar Deurne. Tegen het einde van de wandeling zullen we deze Gouverneursweg nog kruisen.

(Baron Andre van den Bogaerde van Terbrugge)

(Gouverneursweg begin 20e eeuw)

We gaan vanaf de kerk in het Brabantse dorpje verder langs de rivier de Aa. De kaart van 1815 liet toen een hele andere rivier zien. De Aa kronkelde er lustig op losDe afvoer van turf met platte schuiten was van groot belang voor Den Bosch. Al in 1623 gaven Helmond en Den Bosch gezamenlijk de opdracht aan ene Marcus van Gerwen om hier de scheepvaart te verbeteren. Verder stroomopwaarts in Aarle-Rixtel werd zelfs een houten sluis gebouwd. Het bleek niet veel te helpen. Ook in 1798 waren er verbeterde plannen maar deze zijn nooit uitgevoerd. De aanleg van de Zuid-Willemsvaart, die je verderop in het (noord)westen ziet liggen, maakte tenslotte verdere verbeteringen aan de Aa overbodig. De stuw die bij het begin van de oprijlaan naar het kasteel het waterpeil reguleert, ontbrak toen nog. Van oorsprong was de Aa vooral bedoeld om regenwater vanaf de natte Peel af te voeren. En ook dwegen over de Aa die we passeren, waren er nog niet, het waren doorwaadbare plaatsen of men maakte gebruik van voetveren. Het belangrijkste vervoermiddel was de stoomtram van Den Bosch naar Veghel, Gemert en Deurne. De oprijlaan die we bij de stuw zien was lange tijd de enige toegangsweg tot het kasteel en daarna lange tijd afgesloten. Na de ontwikkeling van de Natuurpoort Kasteel Heeswijk is deze toegangsweg weer geopend en bood nieuwe kansen voor nieuwe wandelingen en het bezoeken van het kasteel.

(Toegangspoort oprijlaan kasteel Heeeswijk – 1950)

(Toegangspoort oprijlaan kasteel Heeeswijk – 1950)

Noord-Brabant van 1900 tot 1950
In de periode vanaf 1900 tot de 2e Wereldoorlog kreeg de Noord-Brabantse landbouw een flinke impuls door de oprichting van landbouwcoöperaties zoals de toenmalige NCB, de Noord-Brabantse Christelijke Boerenbond. Ook de voedingsmiddelenindustrie die hieraan gerelateerd was, werd steeds belangrijker. De Brabantse samenleving groeide naar een regio met vroege industrialisatie en modernisering. De provincie was sterk religieus, rooms-katholiek, en de kerk was de centrale plek in de dorpen. Steden als Den Bosch en Tilburg groeiden qua inwoneraantal waardoor niet alleen de nijverheid maar ook drukte en stank van afval toenamenOok het landschap veranderde, het water moest sneller worden afgevoerd om de landbouw te bevorderen. En in het landschap ontstond steeds meer een verkavelingspatroon met akkers en weilanden. Deze ontstonden ook rond de Aa daar waar het water van de Aa bij hoogwater niet kon komen. Een van de maatregelen om de waterafvoer te verbeteren, was de zogenaamde normalisering, dat wil zeggen het rechttrekken van de rivier. In de jaren ’30 is de bovenloop van de Aa, de Astense Aa, als eerste aan de beurt. Uitgevoerd als werkverschaffingsproject was later ook de Aa bij Heeswijk aan de beurt. Ook watermolens waren een hinderpaal voor een goede waterafvoer. De molenrechten werden door de overheid opgekocht en vervolgens werden de watermolens op de Aa gesloopt.

(Kaart Topotijdreis 1950 en 2025)

Kilometer 3-7 – Van Natuurpoort Kasteel Heeswijk naar landgoed Seldensate  
De wandeling gaat verder door het landgoed rondom kasteel Heeswijk. Het is een gevarieerd landschapspark in het beekdal van de Aa met statige loofbossen, historische lanen en akkers. Op de kaart van 1958 wordt dit nog Nonnenbosch genoemd. Het verwijst naar de nonnen van Clarissen uit Den Bosch die hier twee hoeves hadden. Door de aanleg van de Zuid-Willemsvaart is het stukje bos gescheiden van het Nonnenbosch aan de overkant van het kanaal op grondgebied van Schijndel. Over schouwpaden van het waterschap Aa en Maas voert de Trage Tocht je langs de nu rechtgetrokken Aa. Aan de overkant van de Aa zien we de monding van de Leijgraaf in de Aa. Deze beek komt uit noordelijke richting vanuit Uden en volgt het laatste stukje over het tracé van de Aa uit vroegere tijden. Tot de brug naar het plaatsje Middelrode mag de Aa hier weer kronkelen nadat in de jaren ’50 hier de Aa richting Den Bosch kaarsrecht door het landschap liep. Nu zijn de oude beddingen hersteld, de bever heeft er zijn thuis en koeien en paarden grazen langs de oude armen van de Aa.

Door de groei van Den Bosch en de toename van de bevolking was het in de zomermaanden vaak niet te harden door de stank. Gegoede lieden ontvluchtten dan ook de stad en bouwden onder andere aan de Aa bij Middelrode buitenhuizen. Aan de Assendelftstraat werd in 1421 kasteeltje Assendelft opgericht, een groot huis met een spannende geschiedenis. Maarten van Rossum en zijn troepen verwoestten het in 1512 en alleen het poortgebouw en de pachthoeve overleefden de tand des tijds. Iets verderop ligt landgoed Seldensate met een hoeve, een poortgebouw met duiventoren, een bierbrouwerij en een speelhuis genaamd Seldensate. Het lag aan een doorwaadbare plaats aan de Aa, nu verbindt een houten voetgangersbrug de oevers. Het kasteeltje is vanaf 1920 niet meer bewoond en raakte daarna in verval. De oorzaak was achterstallig onderhoud maar ook oorlogsschade tijdens de 2e Wereldoorlog. Er was daarnaast ook sprake van verzakking door een dalende grondwaterstand als gevolg van kanalisatie van de vlakbij gelegen rivier de Aa in de jaren ’30.

(Seldensate – 1450)

 

(Seldensate – 2025)

Kilometer 7 – Kilometer 12,5 – Van landgoed Seldensate naar kasteel Heeswijk 
We maken een heen-en-weertje langs de oevers van de hier rechtgetrokken Aa richting Berlicum en komen weer bij het bruggetje van Seldensate uit waar voor ons het dynamisch beekdal van de Aa ligt. Jaren waren de Aa en de Leijgraaf ingebed tussen hoge kades want daar waar eens de Aa kronkelde, was de rivier in de jaren ’50 rechtgetrokken. Die kades zijn nu weggehaald waardoor bij hevige regenval het water van de Aa buiten de oevers mag stromen. Zo slaat het waterschap twee vliegen in één klap, waterberging én natuurontwikkeling. Hierdoor mag je op de route struinen langs het riviertje, kom je grazende koeien en paarden tegen en zie je de dynamiek van meandervorming in de bochten van de Aa.

Na de Aa-brug naar Middelrode ligt in het dal van de Aa de monding van de Leijgraaf. Het volgt een gedeelte van de Aa in vroegere tijden. Bij de wandelbrug over de Leijgraaf stond eens de watermolen Ten Steen. In Noord-Brabant waren al watermolens in gebruikeen eeuw vóór de windmolen zijn intrede deed. De Aa ontspringt bij het Limburgse Meijel en is 65 kilometer lang. In totaal hebben er acht watermolens aan dit riviertje gestaan, waaronder molen Ten Steen, op de plek nu aan de Leijgraaf en toen aan de Aa. In 1819 kocht het Rijk de watermolen als onderdeel van het beleid om zoveel mogelijk watermolens op de Aa, maar ook de Dommel, op te heffen om wateroverlast te voorkomen. De vlakbij gelegen Molenstraat herinnert hier nog aan en een infobord geeft je een indruk van hoe het er hier uitgezien moet hebben. 

(Watermolen Ten Steen)

(Monding van de Leijgraaf in de Aa)

We zien een aantal natte percelen, oude meanders van de Aa, waaraan de Looz Cors Waremhoeve ligt. Rond kasteel Heeswijk ligt een aantal kasteelboerderijen, die te herkennen zijn aan het gele zandlopermotief van luiken en deuren. De voormalige pachtboerderij is nu een leer-werkboerderij voor mensen met een beperking, een plek om te bezoeken en zelfgebakken taart te eten. We komen dan bij het absolute hoogtepunt, kasteel Heeswijk. We zien nog een oude arm van de Aa, op de kaart van 1815 staat deze nog als hoofdroute aangegeven. Deze voorzag de kasteelgracht van water. Het kasteel staat op een droge zandhoop langs de Brabantse Aa. Het was een hoger gelegen donken naast de natte Aa-broeken. Het heeft de titel ‘Kasteel van Brabant’ en is Topmonument van Noord-Brabant. Maar het begon als een motteburcht die gebouwd is in het moerassige beekdal van de Aa. Als fundering werden brokken ijzeroer gebruikt waarvan er in de kasteelkelders nog een aantal te zien zijn. Nadat de Fransen het kasteel vernield hadden, komt het kasteel uiteindelijk in handen van de familie Speelman. Die verkocht het in 1835 aan de schatrijke baron van den Bogaerde van Terbrugge die er weer een uitgebreid middeleeuws kasteel van maakt. Hij bouwt het kasteel zoals we dat nu in volle glorie voor ons zien, compleet met zuidvleugel, galerij, Wapenzaal en IJzertoren.

(Kasteel Heeswijk – 1610)

(Kasteel Heeswijk 2025)

Noord-Brabant NU
Het Brabant van nu kan worden beschouwd als tweede metropool van ons land. Met een sterke industrie, met name rond techmetropool Eindhoven, en als doorvoergebied richting het achterland heeft het een hoge economische waarde. De landbouw is mee ontwikkeld en bestaat voornamelijk uit grootschalige bedrijven met varkens en kippen. De kerken zijn er nog wel maar worden steeds minder bezocht. Door de ruilverkaveling zijn percelen aan elkaar gekoppeld en sloten, struwelen en bosschages op veel plekken in Brabant verdwenen. Toch spelen tradities nog een grote rol in dorpen als Heeswijk en Dinther. Carnaval wordt uitbundig gevierd, het gilde doet nog aan het koningsschieten en in de kroegen kent men nog de Brabantse gezelligheid. 

Kilometer 12,5-15 – Van kasteel Heeswijk naar Heeswijk 
Het eindpunt lonkt, Heeswijk, dat sterk is verbonden met Dinther en als plaats vaak in één adem wordt genoemd: Heeswijk-Dinther. De route volgt een mooie, kronkelende oude veldweg met de kerktoren van Heeswijk als richtpunt. Hier heeft de ruilverkaveling nooit plaatsgevonden, het was niet interessant door de te natte percelen die aan de Aa grenzen. We passeren de Gouverneursweg, die van Baron Van den Bogaerde van Terbrugge, en lopen via nieuwbouw naar het beginpunt bij de kerk. Tegenover de kerk ligt café de Zwaan, ooit begonnen als plaats van lichte zeden en al sinds 1610 een horecazaak. Zoals overal in Brabant wordt hier in het voorjaar uitbundig carnaval gevierd. De Dintherse carnavalsclub werd in 1962 als de Bokkenrijders opgericht. Later kwamen de Snevelkruiken in Heeswijk. Ondanks dat Heeswijk en Dinther al één gemeente waren, hadden ze allebei nog hun eigen Prins Carnaval. De burgemeester eiste in 1969 dat er voortaan maar één prins zou zijn, anders zou er geen ontvangst meer zijn in het gemeentehuis én geen subsidie meer komen. De Snevelkruiken en Bokkenrijders werden zo verenigd in Snevelbokkenland, want carnaval moest en zou gevierd worden. In het wapen van Snevelbokkenland bevindt zich een sneveleen borrel, een bok en een zandkruier. De zandkruier heeft te maken met het nabijgelegen Loosbroek, dat erg laag ligt, daar moest veel zand naar toe. Einde Trage Tocht Heeswijk en de reis door de tijd in het Brabantse land. 

(Wapen Snevelbokkenland)

Kenmerken van de wandeling

Trage Tocht is ontworpen door Rob Wolfs en Henrie van Zoggel.

Naar de wandeling op Wandelzoekpagina

Afstand

15 kilometer

Landschap

Rivier, beekdal, boerenland en landgoed

Startpunt

Kerk Heeswijk

Leave a Reply

Close Menu
AMBULARE
Privacy Overzicht

Deze website maakt gebruik van cookies, zodat wij u de best mogelijke gebruikerservaring kunnen bieden. Cookie-informatie wordt opgeslagen in uw browser en voert functies uit zoals het herkennen van u wanneer u terugkeert naar onze website en helpt ons team om te begrijpen welke delen van de website u het meest interessant en nuttig vindt.

U kunt al uw cookie-instellingen aanpassen door naar de tabbladen aan de linkerkant te gaan.