0-5 KMNoord-Brabant

De boer op gaan – Wandeling in Noordoost-Brabant – Bedaf – Uden

Door 1 januari 2007 juni 12th, 2019 Geen berichten
Zicht op kerk Uden tijdens wandeling door Bedaf in Uden: De boer op gaan

Wandeling in Noordoost-Brabant - Bedaf-Uden

We gaan de boer op zoals men in dit gebied in Noord-Oost Brabant zegt: ‘de stad verlaten’. De stad verlaten en wandelen in dit gebied waar de intensieve veehouderij nu het landschap bepaalt, lijkt echter niet veel goeds te voorspellen. Waar vroeger keuterboertjes met paard en wagen het landschap sierden, wordt nu het beeld bepaald door bulkwagens die mengvoeders naar de miljoenen varkens brengen. Een wandeling nabij Uden moet het tegendeel bewijzen.

We vertrekken in de vroege morgen vanuit Uden naar ons beginpunt. Niets wijst op een mooie wandeling in een landelijke mooie omgeving. De voor dit gebied vroeger zo karakteristieke potstalboerderijen zijn vervangen door grote schuren vol met varkens. Waar keuterboertjes zwoegden op de onvruchtbare akkers rijdt nu de moderne landbouwer met zijn grote tractors de maïs af en aan richting miljoenen varkensmonden. De schrale zandgronden hebben de boeren doen besluiten over te gaan op grootschalige varkenshouderijen, echter enkele kilometers verder hebben dezelfde zandgronden een prachtige zandverstuiving doen ontstaan, de Bedafse Bergen. Hier beginnen we onze wandeling en al meteen valt op hoe dicht landbouw- en natuurgebieden hier bij elkaar liggen. Bij elke stap wordt duidelijk dat natuur en landbouw hier op gespannen voet met elkaar leven.

“Overal zie je de strijd tussen natuur en landbouw, onduidelijk is wie de winnaar wordt.”

Boven op het hoogste punt laat het landschap toch verscheidenheid zien. Kleine zandverstuivingen, heideveldjes en bospercelen met op de achtergrond landbouwgebieden wisselen elkaar af. duizenden jaren geleden toen boeren zich hier op de zandgronden vestigden en hun vee in de bossen lieten grazen, ontstonden heidevelden. Die werden vervolgens afgeplagd door de boeren en zo kwam de zandlaag bloot te liggen. De wind heeft vervolgens zijn werk gedaan en over het resultaat zwoegen onze voeten in het losse zand. We vervolgen onze weg afwisselend door zandpercelen en bospercelen. Niets wijst erop dat een kilometer verder de landbouwgronden het landschap overheersen. We verlaten dit gebied in de richting van Uden over een licht naar beneden glooiend pad tussen weilanden en akkers. Het water in de sloten langs ons vergezelt ons en het valt op hoe hard het water stroomt. Via twee wandelsluizen gaat onze weg ineens omhoog. Het pad is nog redelijk droog maar hoe hoger we komen hoe natter het wordt. Door een aardkundig verschijnsel wordt water vanuit diepere lagen tegen een breuklaag, de Peelrandbreuk, aangedrukt en hierdoor ontstaat kwel in de zogenaamde wijstgronden. De keuterboertjes gebruikten dit gebied als hooiland omdat het niet te ontwateren was. Knotwilgen en essen domineren het landschap. Onze schoenen zuigen in het zompige gras. Rietkragen herbergen vele vogels en op de achtergrond horen we het kwelwater via slootjes wegstromen. Momenteel wordt door goed natuurbeheer dit gebied aan de natuur teruggeven. De boeren hebben het nakijken.

“Water stroomt toch naar beneden? Maar hoe hoger ik kom hoe natter het wordt.”

De zandweg loopt verder glooiend omhoog tot deze op de Peelrandbreuk is aangekomen en via het buurtschap het Loo lopen we over rustige wegen richting het ecoduct over de pas nieuw aangelegde snelweg A50. Boerderijen zijn omgebouwd tot luxe woningen. Waar eens de koeien langs de mesthoop stonden te grazen, zijn modeltuinen aangelegd. En de hooischuur is omgetoverd tot parkeerplaats voor luxe auto’s. Lang was dit gebied slecht bereikbaar maar sinds de komst van de A50 enkele jaren geleden razen ook hier de auto’s en vrachtauto’s aan en af . Men spreekt van vooruitgang voor dit gebied maar als ik de snelweg nader, denk ik daar toch iets anders over. Het geluid van voorbijrazende auto’s overheerst en bij het passeren van de snelweg over het aangelegde ecoduct richting Maashorst valt weer op hoeveel ruimte zo’n weg in beslag neemt. Maar goed dat verderop compenserende maatregelen in de natuur getroffen zijn om deze aanslag op natuurgrond goed te maken.

“Is het pleit beslecht en zal de boer het uiteindelijk verliezen? Landbouwgebieden worden opgekocht en omgetoverd tot natuur.”

Het is een uitgestrekt natuurgebied tussen de plaatsen Oss, Schayk, Zeeland, Uden, Nistelrode en Heesch. Het is met de grootte van 4000 hectare het grootste natuurgebied van Brabant. De Maashorst is ontstaan dankzij de Maas, die in dit gebied grof grind afzette. De andere helft van de naam ‘horst’ is een hooggelegen gebied. De Peelrandbreuk zorgde voor de hogere ligging van de Maashorst ten opzichte het gebied waar we eerder doorheen wandelden. We wandelen afwisselend door dennenbossen en landbouwgebieden maar ook heidevelden en begrazingsgebieden komen ons tegemoet. Deze afwisseling kenmerkt dit gebied maar geeft tegelijkertijd weer dat er vele belangen spelen. Recreatie, landbouw en natuurbeheer moeten het hier samen doen. Na de aanleg van de A50 wordt verderop vervangende natuur gerealiseerd. Landbouwgrond wordt opgekocht en opnieuw ingericht als natuurgebied en beheerd door Staatsbosbeheer en het Brabants Landschap.

We wandelen langs het nieuwe natuurgebied en op de achtergrond weer de Bedafse Bergen richting eindpunt. Een paard met wagen komt ons op de zandweg tegemoet. Het beeld is prachtig en bijna nostalgisch en past eigenlijk voortreffelijk in dit gebied. ‘En, de boer op?’ zegt hij. We knikkend bevestigend en vertellen over de wandeling en hoe mooi het landschap hier is. Hij keuvelt een beetje mee, het gesprek blijft oppervlakkig. Hij neemt snel afscheid en maant zijn paard vooruit. ‘Houdoe wor’.

“Houdoe wor, zegt de boer en ik vraag me af van wie hij afscheid neemt, van mij of van de landbouw.”

Het afscheid blijft hangen en bij iedere stap die we zetten, doemen de oude beelden van een boer op oude ansichtkaarten op. Dat is verleden tijd. Rechts het pas tot natuur omgetoverde land en links het natuurgebied dat hier al eeuwen ligt. De landbouwgebieden liggen nog verder weg. De wedstrijd tussen landbouw en natuur met mij als scheidsrechter lijkt nog onbeslist.

Via het stuitzand van de Bedafse Bergen drinken we bij het beginpunt in een gasterij een bakje koffie. De gemoedelijkheid binnen en de voldoening van de wandeling geven ons een voldaan maar ook een gemengd gevoel. Dat van een ontwikkelend natuurgebied en tegelijkertijd een gebied waar de echte oude beelden van het boerenbedrijf steeds meer verdwijnen. De boer met paard en wagen zien we stoppen. Een lading kinderen van een nabij gelegen camping stapt op en langzaam verdwijnt het sjokkend paard met hun in de verte. We nemen nog een tweede bakje koffie, kijken elkaar aan en knikken bevestigend. Met het paard in de verte weten we het nu zeker. De natuur heeft de wedstrijd in blessuretijd toch nog gewonnen.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: